Ik volg nu al vier weken gefascineerd de BBC documentaire The Virtual Revolution. Dr. Aleks Krotoski (@aleksk op Twitter) onderzoekt hoe het web 20 jaar na zijn geboorte geëvolueerd is, en welke impact het heeft op ons dagelijkse leven.

Het is uiteraard een documentaire in BBC-stijl: grondig, doordacht, diepgaand, en tegelijkertijd briljant in beeld gebracht en entertainend.

Maar het is veel meer.

Van bij het ontstaan was de documentaire al anders. De inhoud is ontstaan in samenwerking met het publiek; de voorafgaande discussies zijn gebruikt als input voor de verschillende afleveringen.

Na elke aflevering gaat het debat verder op de website; er staan allerlei interactieve applicaties klaar om uit te proberen. Niet alleen dat: de afzonderlijke stukken video, grafiek, muziek en interviews worden vrijelijk ter beschikking gesteld, zodat iedereen kan remixen en zijn eigen documentaire maken.

Tijdens elke uitzending zie je dat de presentatrice/filmmaakster op Twitter ook de interactie opzoekt en duiding en verdieping geeft.
En toen tijdens de eerste aflevering op Twitter twijfel en discussie was over de gebruikte hashtag (Wat zijn hashtags?) sprongen de auteurs mee in die discussie. De tweede uitzending werd dan ook prompt aangepast om in het begin de afgesproken correcte hashtag (#bbcrevolution) op het scherm te tonen.

De BBC is hier m.i. op het spoor van hoe televisie in de toekomst moet zijn.

Hoe luid we het ook roepen, content is al lang niet meer king. In deze tijd van content marketing en pro-ams (Wat is een pro-am?), is content eigenlijk een commodity geworden. Er zal altijd iemand zijn die met meer passie, met meer expertise, met meer tijd, en goedkoper content kan produceren. (Kijk bijvoorbeeld eens naar Born of Hope, een door fans gemaakte Lord of the Rings film. De trailer vind je hier, de volledige film staat ook op YouTube.)

(Betekent dit dat je maar zo snel mogelijk zo veel mogelijk zo goedkope mogelijk content moet produceren, ongeacht de kwaliteit? Dat kan een pad zijn, maar is m.i. niet het goede. Integendeel, om in de massa van inhoud er uit te springen en aandacht te krijgen, moet je de kwaliteit nog een paar graadjes hoger brengen.)

Content, een televisieprogramma, is niet meer voldoende; en is ook niet waar het verschil gemaakt wordt. De focus verschuift naar de conversatie - de content is enkel een 'excuus', een trigger om met een publiek te converseren.

Voor deze televisie heb je dus de combinatie van drie dingen nodig: content (een goed programma), publiek, en conversatie (tussen makers en publiek + tussen publiek onderling; voor, tijdens en na de uitzending).

De Vlaamse televisiezenders van vandaag hebben dat publiek. En da's volop de kaart die ze spelen: een 'familie', een 'groep van meerwaardezoekers'. Ze profileren zich als een community, als de filter ("Wij kiezen welke programma's ons publiek zal willen zien"). De Vlaamse zenders produceren vaak zelf niet de content, vanuit de veronderstelling dat het hebben van een publiek voldoende is. Maar naarmate dat publiek opgroeit, zal enkel filter spelen niet voldoende zijn - niet alleen worden mensen slimmer in het zelf opzetten van filters via technologie, op het internet duiken massaal nieuwe soorten filters op (zoals Alex het met een voorbeeld verwoordde: 'blogs worden de nieuwe platenlabels').
Dit is een enorm gevaar voor de Vlaamse televisiezenders. Ze produceren zelf niet de content; en hun rol als gatekeeper (degene die het kanaal of de filter beheerst, degene die het publiek heeft) zal langzaam uitgespeeld raken.
Maar tegelijk ligt hier een enorme kans (Luisteren jullie, vrt, vmma?). Door het feit dat zij nu al die toegang tot het publiek hebben, hebben de zenders de mogelijkheid om die conversatie als eerste in gang te zetten en te beheersen.

Want content alleen, zoals ik hierboven argumenteerde, zal niet voldoende zijn. De programmamakers leveren goed werk - maar zullen daarin bedreigd worden. Ze zullen op snelheid, inhoud en diepte gepakt worden door de pro-ams; tegelijkertijd zal het publiek eisen dat ze betrokken worden in het creatieproces (zie ook: de essentie van het nieuwe web is creatie).

Tegelijkertijd ligt hier een enorme kans (Luister je, Woestijnvis? Kanakna?). Nu moeten de programmamakers passeren langs de gatekeepers van de zenders om hun publiek te bereiken. Maar het internet creëert de mogelijkheid (voor bedrijven, politici, celebs) om rechtstreeks een band en communicatiekanaal te bouwen met het publiek. Eigenlijk hebben programmamakers die mediakanalen niet meer nodig (maar ze beseffen het nog niet). De voorwaarde is dan wel dat ze niet alleen met kwaliteitscontent bezig zijn (wat ze nu zeer goed doen), maar ook beginnen focussen op de conversatie met hun publiek.

Dit is niet enkel een opportuniteit. Het zal een verplichting worden.

Want enkel bezig zijn met kwaliteitsprogramma's maken zal niet voldoende zijn. Niet alleen zullen er pro-ams opduiken die het sneller, beter en goedkoper zullen doen; daar bovenop zal het publiek eisen dat ze betrokken worden bij het creatieproces - zo niet zullen ze de contentproductie afdoen als 'Boring!'. (En dan komen de productiehuizen m.i. in dezelfde situatie terecht als de kranten vandaag: met een businessmodel dat niet houdbaar is op een veranderde markt, en een aanbod dat niet meer aansluit bij de noden van het publiek).

Heel veel uitdagingen en mogelijkheden volgens mij; met plaats voor nieuwe spelers en nieuwe symbioses. En uiteraard zal een degelijke kennis en toepassing van technologie een belangrijke rol spelen in de exploitatie van deze nieuwe drie-eenheid content-publiek-conversatie (zie bijvoorbeeld mijn experiment met TvTweets).

Ook hier neemt de BBC het voortouw. De journalisten daar worden gevraagd om actief met sociale media om te gaan:

BBC news journalists have been told to use social media as a primary source of information by Peter Horrocks, the new director of BBC Global News who took over last week. He said it was important for editorial staff to make better use of social media and become more collaborative in producing stories.

Dat zegt me dat ze het begrepen hebben.

Ter afsluiting terug naar The Virtual Revolution. Dit is een kortfilm door iemand uit het publiek samengesteld werd, enkel met ter beschikking gesteld materiaal van de bestaande documentaire:




Labels: , , , , , , , ,

4 reacties | links | Deel dit!

Een onderwerp dat veel opduikt als ik spreek over het internet en sociale media is 'privacy'.

Is privacy aan het verdwijnen? Moet iedereen nu echt alles zien en weten over iedereen? Als je iets online zet, moet je daar dan over nadenken?

Allereerst geef ik deze waarschuwing mee: internet is het minst vluchtige medium van alle. Wat verleden week in de krant stond, is vandaag al vergeten (vooral omdat diezelfde kranten hun archieven achter slot en grendel steken).
Maar wat je 5 jaar geleden online deed, duikt nu nog steeds op in Google.

Mijn persoonlijke instelling: ik ga er van uit dat alles wat ik online zet, voor altijd en voor iedereen zichtbaar is. Ik gebruik geen filters, geen paswoorden, geen afgesloten compartimenten.
Zelfs al zitten er nu paswoorden en barrières op, dat betekent niet dat dat morgen nog het geval zal zijn.
Als wat ik wil zeggen online niet door mijn moeder of mijn klanten of mijn medewerkers mag gehoord worden, zeg ik het niet online.

Wat je niet op café luidop zou zeggen, zeg dat dan ook niet online.

Je bepaalt op elk moment je eigen grenzen.

Ik heb ook mijn grenzen. Alleen liggen die misschien wat verder dan bij de doorsnee mensen. (Ik deel mijn gedachten, waar ik naar luister, mijn presentaties, waar ik ben, wat ik zie, en wat ik lees.)

En ik zie meer en meer mensen (vooral jongeren) op zo'n manier omgaan met hun persoonlijke gegevens.

Verdwijnt privacy daardoor?

Nee hoor.

Maar we zitten wel middenin een transitie: van 'privacy' naar 'publicy'.

Publicy is de antipode van privacy. We leefden in een wereld waar alles by default privaat was: alles was privaat en afgesloten, en je moest moeite doen om iets publiek te krijgen. We evolueren nu naar een wereld waar alles by default publiek is: alles is per definitie open en publiek, en je moet moeite doen en expliciet aanduiden om privaat te houden.

En we zitten nog maar aan het begin van die transitie. Het zal alleen maar meer, sneller, harder gaan naarmate we evolueren van expliciete naar impliciete data, en naarmate de objecten rondom ons in het netwerk geschakeld worden, zich bewust worden van hun eigen locatie en status-updates doorgeven (lees meer over het begrip spimes).

Je kan dat niet leuk vinden, en je kan daar ethische of culturele problemen mee hebben - maar het gebeurt. Het is de realiteit van onze veranderende wereld.

Ergens is het een logische evolutie. Onze noties van privacy zijn cultureel ingebed, en gebaseerd op ons fysieke samenleven. Om met elkaar in de beperkte fysieke ruimte te kunnen samenleven, hebben we bepaalde regels ingevoerd. (Kijk eens naar het gedrag van mensen als ze met vreemden in een lift staan. Daar is de ongeschreven regel dat iedereen recht voor zich uit kijkt, en geen oogcontact maakt.)

Maar online delen we geen fysieke ruimte. Het enige wat we delen met elkaar is tijd en aandacht.

De oude conventies rond privacy gelden er niet. (En die conventies zijn er zowel positief als negatief - waarbij +/- geen waardeoordeel is. In de fysieke ruimte hoef je niet te zeggen of je M/V bent, da's zichtbaar; terwijl het online wel moet geëxpliciteerd worden. In de fysieke ruimte moet je langs de andere kant wel rekening houden met andermans 'personal space', terwijl op het internet je iemand makkelijk kan negeren - blocken, defrienden, unfollowen.)

(Lees zeker ook de mening van Stowe Boyd over publicy.)

En naarmate het internet ingebed raakt in ons dagelijkse leven, zullen de algemene conventies verder verschuiven.

Dus hoe hard je ook wilt dat het oude begrip van privacy blijft bestaan, het zal niet zo zijn.

En dan kan je beter maar je bewust zijn van dit feit, en er op een goede manier mee omgaan. Laat publicy niet jou controleren, maar controleer zelf die publicy.
En daarvoor moet je de controlemechanismes binnenste buiten keren, net zoals de privacy binnenste buiten gekeerd wordt.

De juiste reflex is dus niet 'ik ga minder online zetten'. Integendeel: je moet méér online zetten, zodat jouw online identiteit door jou beheerd wordt, en niet door anderen.


(Disclaimer: bovenstaande is niets meer dan een persoonlijke mening. Zeker niet een wetenschappelijk gestaafde stelling.)


Labels: , ,

0 reacties | links | Deel dit!

De laatste tijd draaien mijn gedachten voornamelijk rond 'wat motiveert mensen om actie te ondernemen?'.

Zowel op een website of in een webapplicatie (project Dopamine, later meer hierover), als in een werksituatie. Ik wil het hier vooral hebben over motivatie in werk.

Ik ben er van overtuigd dat de huidige generaties van twintigers en tieners radicaal anders denken en gemotiveerd worden dan de vorige generaties.

We kennen allemaal de piramide van Maslow, die spreekt over onze fundamentele behoeften. Naar mijn gevoel is het tijd voor een andere piramide.

piramide

Kinderen nemen de waarden over die hun ouders introduceerden, en integreren die naadloos in hun eigen leven.

De na-oorlogse generaties waren vooral bezig met 'hebben'. Komende uit een periode van ontbering en vernietiging, moesten ze alles opnieuw opbouwen en verzamelen. In de jaren 50-60-70 draaide het dan ook allemaal rond 'hebben': dezelfde of een grotere auto hebben dan de buren, een mooi huis hebben, hard werken om geld te verzamelen.

De ouders uit die periode gaven die waarde mee aan hun kroost - en die nieuwe generatie nam dat over the top mee tijdens de jaren 80 (Greed is good!).

Eind jaren 60, en tijdens de seventies, kwam er een volgende beweging op. De kinderen waren in relatieve rijkdom opgegroeid, en de nadruk begon te verschuiven van 'hebben' naar 'beleven'. (Denk: hippies, studentenrevoltes etc.) Het zijn de generaties wiens droom het was naar Nepal te reizen...
Die waarden kwamen in full force tot uiting tijdens de jaren negentig: het ging over 'genieten', over 'cocooning', over 'beleving'. De 'experience economy' werd geboren.

Ondertussen zitten we aan een nieuwe golf.

We weten nu dat 'hebben' een voorbijgaande voldoening geeft; en ervaringen nemen we wel mee maar die blijven eenmalig.

Tegenwoordig worden we gedreven door 'skills', door iets kunnen.

Het populairste genre filmpjes op YouTube: de 'how-to' filmpjes.

Twintigers van nu worden niet (enkel) gedreven door 'hebben' of 'beleven', wel door 'kunnen'. Ze willen zichzelf verbeteren, nieuwe kennis en kunde opdoen, constant bijleren.

Ik geef meestal het voorbeeld van de marketing-incentive of de wedstrijdprijs:
* vroeger gaf je een auto weg als hoofdprijs ('hebben')
* daarna gaf je als prijs een weekend rondrijden met een Lamborghini ('ervaren')
* nu geef je als prijs een cursus Formule 1-rijden ('kunnen')

We zijn nu de grondslagen aan het leggen voor de volgende golf: het sociale luik ('delen').

We zijn aan het leren om constant met iedereen in verbinding te staan (door de gsm's, door de sociale netwerken op internet). Sociale status en sociale verantwoordelijkheid zal alleen maar belangrijker worden.

Als ik het doortrek naar de wedstrijdprijs:
* een cursus Formule 1-rijden, én ervoor zorgen dat al mijn vrienden dit weten
of
* een Toyota Prius als prijs geven, zodat ik milieubewust (sociaal verantwoordelijk) kan rondrijden.


Je moet volgens mij deze nieuwe piramide in gedachten houden als werkgever van de nieuwe generaties.

Als je bv. als werkgever de verschillende lagen van die piramide op een goede manier met elkaar kan combineren, zal je in de toekomstige 'war for talent' de juiste talenten kunnen aantrekken.
Te veel werkgevers (die zelf uit die eerste generatie van 'hebben' komen, of wiens bedrijf een cultuur heeft die uit die periode stamt) focussen zich enkel op de onderste laag. Een hoog loon, uitgebreide incentives, een dure wagen...
Uiteraard werken die dingen nog. Maar wie enkel dit aanbiedt, zal zeer zwaar zijn portefeuille moeten bovenhalen om competitief te blijven.

Biedt als werkgever een marktconform loon aan ('hebben'), in een bedrijfsomgeving die aangenaam is en het evenwicht tussen privé en werk respecteert ('ervaren'), met de nodige uitdagingen en kennis-groeimogelijkheden voor werknemers ('kunnen').

Als je daarbovenop nog een sociale component kan inbouwen, ben je goed bezig. Je moet een 'groter project' in je bedrijf inbouwen, iets dat verder gaat dan 'winst maken'. Noem het een Big Hairy Audacious Goal, noem het een missie, noem het bouwen aan een 'lovemark' ... maakt niet uit. (Bij ons gaan we voor 'het web beter maken'.)

Ikzelf (een bijna-veertiger) heb als persoonlijke motto 'Ik wil elke dag minstens één nieuw ding leren of doen' - en misschien wordt mijn visie daardoor wel beïnvloed.

Maar ik zie deze patronen opduiken in veel van de twintigers waarmee ik in aanraking kom, en ben er van overtuigd dat het een blijvend patroon is.

Wat denken jullie?

Labels: , , ,

3 reacties | links | Deel dit!

Gisteren een interessant gesprek gevoerd. Eén van de zaken waar het over ging was: wordt een bedrijf gedragen door één mens? En als die mens wegvalt, valt dan ook het bedrijf weg?

Ik heb daar mijn eigen visie op.

Dit is hoe ik bijvoorbeeld Netlash zie:


Jawel, ik ben het gezicht naar de buitenwereld. En toevallig ben ik ook de oprichter en eigenaar (samen met Dirk).
Door dat feit, ziet die buitenwereld enkel mij (het rode mannetje). Maar iedereen die al in zo'n menselijke piramide gezeten heeft, weet dat dat eigenlijk de makkelijkste positie is.

Dat rode mannetje kan enkel daar staan, dankzij alle sterke schouders die eronder zitten.

En hoe dieper in het bedrijf, hoe lager in de piramide - hoe sterker de schouders moeten zijn en hoe belangrijker de positie.

In mijn visie is het rode mannetje het makkelijkste vervangbaar. Neem hem weg, en de piramide blijft (grotendeels) bestaan. Het enige wat je moet doen is een nieuwe gek vinden die naar boven wil klimmen.

Neem iemand onderaan de piramide weg, één van die mannen die het minste zichtbaar is van buitenaf - dan valt de hele constructie uiteen.

Dat kadert in mijn bredere visie: wat je zegt en wat je doet is even belangrijk. De twee kunnen niet zonder elkaar. Je kan prachtige dingen maken, maar als niemand daarvan weet, blijf je eenzaam in je hoekje zitten. Of je kan luid roepen dat je prachtige dingen maakt, zonder effectief iets te doen. Dat werkt misschien op korte termijn, maar op den duur val je toch door de mand.

Ik wil mooi werk maken, én daar luid over communiceren.

Terug naar het rooie mannetje: da's degene die communiceert. Als die communicatie niet gedragen wordt door degelijk werk, dan verkoopt hij enkel lucht - en zal hij uiteindelijk naar beneden tuimelen.

In mijn realiteit wordt een bedrijf dus zeker niet gedragen door één man. Het is eerder omgekeerd: die man wordt gedragen door het hele bedrijf.

Labels: , ,

7 reacties | links | Deel dit!

Interessante presentatie over de toekomst van werk.

Tjokvol ideeën; met aandacht door te nemen.

The future of work
View SlideShare presentation or Upload your own. (tags: iftf futuring)

Labels: , , ,

0 reacties | links | Deel dit!

Als je mijn curriculum vitae leest, zal je zien dat ik mijn professionele carrière begonnen ben bij een grote Belgische bank.

Jawel, ik heb een bankverleden.

Op een bepaald moment besloot ik om echter om een andere richting uit te gaan, en zelfstandig te worden in de web-business.
Er waren een aantal redenen om die carrière-switch te maken, maar één daarvan is de volgende.

Op een bepaald moment zat ik in de afdeling 'beleggingen', het was mijn job om beleggingsfondsen en andere investeringen te verkopen aan bankklanten. Elke maand kreeg ik een bepaald quotum; ik moest een bepaald bedrag (x miljoen BEF) per maand kunnen beleggen.

Dit lukte me vrij goed (ik heb nog nooit problemen gehad om iets te verkopen).

Maar na verloop van tijd kwam ik in de situatie dat ik rond de 20e van de maand mijn opgelegde quotum reeds bereikt had. En dat er dan één van mijn klanten binnenkwam, en zei: 'Bart, ik heb X BEF te beleggen. Wat kan je me aanraden?'. En ik zei op dat moment met een stalen gezicht: 'Op dit moment is er niets speciaals in de aanbieding. Maar vòlgende maand, dan komt er iets uit dat op jouw lijf geschreven is...' Meer met mijn quotum in gedachten dan met het belang van die klant.

En dat was het moment dat ik besloot om te vertrekken. Ik dacht: 'Nee, zo cynisch wil ik niet zijn. Dit is niét de persoon die ik wil zijn.'

Niet alleen nam ik dan de beslissing om weg te gaan en een eigen bedrijf uit te bouwen. Ik wou ook dat dit bedrijf ànders zou zijn; in plaats van iets te creëren waar ik de baan op zou moeten om te verkopen, wou ik een bedrijf waarbij klanten overtuigd waren van mijn 'product', en zelf zouden komen. Niet een webbedrijf dat websites verkoopt; maar één waar klanten op af komen die niet gewoon een website willen, maar een Netlash website.

Pull in plaats van push.

Ambitieus, hooghartig, utopisch? Misschien wel. Maar het is de visie waar ik elke dag aan verder werk.

Labels: , , ,

2 reacties | links | Deel dit!

Eén van de grote Search Engine Marketing bedrijven, iCrossing, neemt een webdevelopment bedrijf over. (Lees ook hier.)

Een SEO-bedrijf dat webdeveloper wil worden?

Called it.

"Elk SEO-bedrijf dat enkel op zoekmachine optimalisatie speelt, zal ofwel evolueren naar een webbureau, ofwel evolueren naar (of overgekocht worden door) een reclamebureau, ofwel verdwijnen."

Labels: , , ,

0 reacties | links | Deel dit!

Chaos scenario 2.0. Recht d'erop.

(Zie ook: Zijn blogs de dood van kranten?)

Labels: , , , ,

0 reacties | links | Deel dit!