Blog

Hack your brain

hack your brain

Als ondernemer probeer ik in mijn bedrijf zaken die niet essentiëel zijn te automatiseren, en zaken die cruciaal zijn te ondersteunen en verankeren door processen. Maar ik ben van mening dat je die denkwijze ook op jezelf als mens kan toepassen - zowel de drive om constant te verbeteren, als de wens om zaken procesmatig aan te pakken.

Eén van mijn overtuigingen is dat je het menselijke brein met al zijn sterktes en zwakheden moet kennen, en daar gebruik van moet maken.

Hack your brain.

Drie basisprincipes die ik hierbij gebruik:

1. Taal is een OS

De taal die we gebruiken is niet enkel een drager voor onze gedachten; het is een Operating System dat op zichzelf ook onze gedachten en denkwijzen beïnvloedt. Lees hierover zeker eens de sci-fi klassieker Snow Crash. (Het is trouwens ook de reden waarom ik een vehement verdediger ben van Latijn in het middelbaar onderwijs. Dat is niet een extra taal die we aanleren, maar een fundamenteel andere manier om onze hersens te programmeren.)

Dat betekent dat de woorden die we gebruiken en de labels die we ergens op plakken belangrijk zijn. Ze zijn niet enkel een designator, maar ze bepalen ook de manier waarop we naar dingen kijken.
Eén voorbeeld is het gebruik van het woord 'gewoon'. Een ander voorbeeld paste ik vroeger toe in mijn sales proces.

Verkoop is per definitie een mentaal belastend vak. Wie uitvoerend voor klanten werkt, zal over het algemeen welwillend behandeld worden - meestal worden de dingen die je doet met een 'ja, dat is het!' beantwoord. Bij sales is dat omgekeerd: een gemiddelde sales haalt één op drie van zijn offertes binnen. Dat betekent dat in tweederde van de gevallen de klant 'nee' zegt. Als sales moet je daar mee om kunnen gaan - sterker nog, je moet na twéé nee's in de voormiddag met evenveel enthousiasme in de namiddag de volgende ja gaan verdedigen.

Dat is mentaal zeer zwaar. En elke mindhack die daarbij kan helpen is welkom.

Mijn fileserver waar de offertes bewaard werden, deelde ik daarom als volgt in volgende submapjes in:
- uitgeschreven offertes
- goedgekeurde offertes
- komen later nog wel terug

Een kleine mindhack: er bestaat niet zoiets als 'verloren offertes' - enkel klanten die nu nog niet beseffen dat wij de beste keuze zijn, en die wat tijd en andere ervaringen nodig hebben om dat te beseffen.

Woorden en labels zijn belangrijk. Ze programmeren je brein.

2. Maak concepten fysiek

Ideeën en gedachten lijken enkel etherisch. Maar door ze een fysieke component te geven, maak je ze meer reëel, tastbaar en veranker ze je zo beter in je gedragspatronen.

Daarom werd het idee van de twintig-minuten-regel niet alleen uitgelegd, maar kreeg iedereen een écht Geel Eendje.

Ik ben uiteraard digitally biased. Maar voor mijn to-do lijst gebruik ik nog steeds pen en papier. Het fysieke gevoel van een item op die lijst met een forse beweging te kunnen doorstrepen, is véél bevredigender dan een digitaal vinkje met mijn muis ergens te zetten. Op één of andere manier motiveert dat me meer om effectief die to-do's af te werken - de beloning van het fysiek doorstrepen helpt.

3. Wilskracht is een reservoir

Meer en meer wordt de theorie bevestigd dat wilskracht een eindige grondstof is, die in de loop van de dag opgebruikt wordt, en 's nachts weer opgevuld. Het is als een spier die je kan oververmoeien, maar die je ook kan trainen.

Dat inzicht brengt een aantal gevolgen met zich mee.

- Neem je moeilijke beslissingen 's morgens. Leg het beslissingsmoment voor makkelijke zaken 's avonds. 's Morgens is je wilskracht op zijn hoogste; elke beslissing die je neemt, groot of klein, maakt je wilskracht voor die dag een beetje kleiner.

- Laat beslissingen niet hangen. Het slechtste wat je kan doen is beslissingen niet nemen. Elke vraag die je hebt waar je geen beslissing in neemt, blijft in de achtergrond in je brein rondspoken. Je merkt het misschien niet, maar het neemt een klein beetje rekenkracht van je brein om in de achtergrond als een zombie process te blijven draaien. (Pas op: sommige beslissingen moét je zo in de achtergrond laten draaien om beter en onbewust te kunnen verwerken.) Als je te veel van die zombie processen hun gang laat gaan, verlies je al je wilskracht. (Zie het als een computer die plots veel trager loopt omdat in de achtergrond vanalles aan het gebeuren is.)
Het beste voorbeeld hiervan is e-mail. De gouden regel is: raak elke e-mail slechts één keer aan, en handel die af.

- Zorg dat je voor onbelangrijke zaken geen beslissing hoeft te nemen, en dat je dus je voorraad van wilskracht daarmee niet opgebruikt.
steve jobs
Steve Jobs trok deze gedachtengang door in zijn kleren: hij hoefde niet meer elke dag te beslissen wat hij zou aandoen; hij hoefde zelfs niet meer na te denken over extra bestellingen - hij had bij Issey Miyake voldoende zwarte rolkragen besteld voor de rest van zijn leven.
Ook president Obama doet dit:
"You’ll see I wear only gray or blue suits. I’m trying to pare down decisions. I don’t want to make decisions about what I’m eating or wearing. Because I have too many other decisions to make." 
Op een bepaald moment heb ik dat ook besloten: alleen maar zwarte kleren, zodat ik 's morgens niet moet nadenken over combinaties.

Hack your brain!
hack the planet

Kennen jullie nog zo'n truukjes?

Regulering en innovatie

veiligheid

Innovatie - vanaf wanneer laten we dit toe 'in het echt', en wanneer houden we dit afgezonderd zonder het los te laten op echte klanten?

Een mooi voorbeeld is de driverless car.

Die wordt verboden door de wetgever, zolang er niet absoluut bewezen wordt dat die driverless car 100% zeker geen ongevallen of menselijke gewonden zal veroorzaken.

Maar als je er bij stil staat - dan hoeft dat toch helemaal niet? De 'gewone' auto's hebben toch ook geen 100% zekerheid - hoeveel ongevallen gebeuren er met gewone auto's? De voorwaarde om de driverless car te accepteren zou dus niét moeten zijn dat er 0 ongevallen gebeuren; er zouden enkel significant minder ongevallen moeten gebeuren dan met gewone auto's.

Hoeveel innovaties houden we tegen omdat we nultolerantie voor fouten hebben - terwijl het enige criterium zou mogen zijn: goed genoeg om beter te zijn dan de huidige situatie?

Facebook als bankier

In 2012 schreef ik er al kort over:

"E-commerce is momenteel in volle groei. Stel je een kruising voor tussen Ebay en de Apple Store, met de gebruikersaantallen van Facebook. Bij online verkoop is het betaalsysteem meestal de grote moeilijkheid - de succesverhalen zijn diegene die betalen met 1 klik mogelijk maken (Amazon, Apple iTunes Store). Facebook zou zichzelf kunnen positioneren als hét platform om aan koop en verkoop te doen, en dat faciliteren met zijn eigen Facebook credits. Om dan onderweg een percent op elke transactie te incasseren."

Vandaag gingen er geruchten dat Facebook een banklicentie in Ierland probeert aan te vragen. Kanaal Z vroeg mijn mening:

(Pour la petite histoire: ik zat midden in een vergadering in het Unizo-gebouw. Tijdens een kleine pauze maakte ik van de gelegenheid gebruik om voor de camera te staan. De achtergrond in bovenstaand filmpje is dus de lobby van het nieuwe Unizo-gebouw...)

Gelijkheid en gelijkwaardigheid

evenwicht

's Morgens breng ik mijn kinderen met de auto naar school - en iedere keer komt weer die vraag: wie van de jongens mag vooraan naast mij zitten?

Wolf is groter dan 1m35, en hoeft niet meer in een stoeltje of verhoogje te zitten; Kobe is jonger en kleiner dus voor hem heb ik achteraan een verhoogstoel geïnstalleerd. Eigenlijk is er geen discussie: Kobe zit achteraan, Wolf zit vooraan. Nochtans zie ik mijn beide zonen even graag...

Ik zou voor volledige gelijkheid tussen de twee kunnen gaan. Ze kunnen beiden vooraan in die éne zetel zitten - waardoor ze alletwee ongemakkelijk en onveilig zitten. Of ik zou ze beiden achteraan kunnen plaatsen, waardoor geen van beide op de 'coole' plaats vooraan kan zitten en die ongebruikt blijft.

Maar Kobe weet dat hij nu nog niet oud (en groot) genoeg is om vooraan te zitten; hij weet ook dat als hij wat ouder zal zijn, hij dan wél vooraan kan zitten. Wolf weet dat hij nu door zijn leeftijd altijd vooraan zit, maar dat van zodra Kobe oud genoeg is, er regelmatig afgewisseld zal worden tussen beide.

In onze hang naar inclusie en politiek correct denken zijn we in onze maatschappij het verschil tussen gelijkheid en gelijkwaardigheid vergeten. Iedereen is gelijkwaardig, maar niet iedereen moet gelijk behandeld worden. Als je iedereen probeert exact gelijk te behandelen, belandt iedereen op de achterbank - dan nivelleren we, zelfs niet naar de laagste gemene deler, maar naar de laagst mogelijke optie. Als we het idee van gelijkheid voor iedereen tot het extreme doortrekken, belanden we in een dictatuur van afgunst: "ik mag niet vooraan zitten, dus moet iedereen achteraan zitten".

Omgaan met diversiteit doe je niet door alle verschillen weg te halen en te verstoppen; wel door die verschillen te accepteren en er mee om te gaan. Nivelleren is juist diversiteit niét respecteren, dat is er eerder van weglopen. Gelijkwaardigheid betekent dat we accepteren en omarmen dat we in een winkel, aan een overheidsloket, soms bediend worden door iemand met een kruisje aan een ketting, soms door iemand met een hoofddoek, en soms door iemand met een regenboog-tshirt. Doorslaan in foute 'gelijkheid' is weghalen en verbieden van elk kruisje, elke hoofddoek, elk t-shirt.

Gelijkwaardigheid is accepteren dat op dit moment onze beste Belgische artiest de franstalige Stromae is - en dus ook accepteren dat ons Rode Duivels lied in het Frans is. Dan moet je niet proberen een politiek correcte meertalige song te maken; dat wordt onvermijdelijk een draak en is het equivalent van mijn twee zonen die beiden ongemakkelijk en onveilig op de voorbank zitten. Proberen zo'n franstalig liedje te verbieden is nivelleren naar het onderste niveau: iedereen op de achterbank.

Dat begrip voor gelijkwaardigheid moeten we m.i. al van jongsaf, zelf en in het onderwijs, aan onze kinderen meegeven. We moeten ze leren omgaan met diversiteit, en laten zien dat iedereen gelijkwaardig is maar dat verschillen mogelijk en goed zijn. Dat iedereen naar eigen vermogen en capaciteiten moet geholpen en gerespecteerd worden.

We kunnen nog jaren blijven doorbomen over ondernemerschap, en dat het nemen van risico's niet in onze Belgische volksaard zit. Maar als we van jongsaf aanleren dat iedereen gelijk is, hoe kunnen we hen dan leren omgaan met risico's? Waarom zou iemand risico's nemen als het eindresultaat toch genivelleerd wordt?

Kobe weet dat hij groter moet zijn om vooraan te kunnen zitten - dat is voor hem vaak ook een motivatie om te sporten en zijn groentjes op te eten. Als hij sowieso vooraan zou zitten, dan neem ik die motivatie weg. Idem als ik ook Wolf achteraan zou zetten om beiden 'gelijk' te kunnen behandelen.

Ik wil dat mijn kinderen op een gezonde manier leren omgaan met diversiteit, ook als dat in hun nadeel is. Maar liefst zo dat het hen motiveert om zelf beter te worden en te streven naar excellentie, niet naar de middelmaat; met respect voor iedereen die anders is.

In het licht van de komende verkiezingen, wou ik dat ik een politieke partij vond die op zo'n manier over diversiteit durft nadenken. Ik vind ze voorlopig niet.

Het antwoord op tech gevaar is meer tech

tech

Privacy en internet - het is een gevoelig thema.

Een argument dat af en toe opduikt: Facebook is een gevaar voor mijn privacy, dus ik gebruik Facebook niet meer. En dus zal iedereen stoppen met Facebook te gebruiken, omdat ze privacy belangrijk vinden.

Dit is m.i. een vals argument.

Zo zit de mensheid niet in elkaar. Technologie die voordelen met zich meebrengt, zweren we niet af omdat er nadelen aan verbonden zijn. We vinden extra technologie uit om de nadelen weg te werken. Als onze fabrieken in de industriële revolutie te veel de lucht vervuilen en mensonwaardige werkomstandigheden met zich meebrengen, dan keren we niet terug naar een agrarische samenleving. Dan komt er milieu-technologie en vakbonden.

Zo gaat het ook met internet en sociale media. We kunnen niet terug.

Jawel, er is een bedreiging voor onze privacy en onze persoonlijke data. Maar dat zullen we niet oplossen door massaal te defrienden en te stoppen met twitteren. Het antwoord op tech gevaar is altijd meer tech.

Als het delen van te vrije statusupdates op Facebook een bedreiging voor onze latere carrière kan zijn, dan stoppen we niet met die statusupdates. We delen ze op Snapchat, waar ze zichzelf na maximum 10 seconden vernietigen. We delen ze op Secret, waar ze niet verbonden geraken met ons 'officiële' profiel.

Ik vermoed dat ik niet de enige ben die bewust met de sharing feature van Spotify omgaat, en die muziek op Facebook laat verschijnen die past bij mijn publieke persona, terwijl ik de muziek die daar niet bij past afspeel met Facebook sharing uitgeschakeld.

Naarmate onze levens meer geassisteerd worden door algoritmes en predictive tech, leren we daar mee omgaan, en gaan we ze zelfs manipuleren.

Mijn vrouw gebruikt al jarenlang de catch-all mogelijkheid van haar e-mail om gepersonaliseerde e-mail adressen door te geven aan merken en winkels - zodat ze kan opvolgen wie haar spamt en wie haar gegevens doorverkoopt. (Hoewel het soms vreemde conversaties in de winkel kan opleveren. Torfs-medewerker: "Uw e-mailadres?" "Dat is torfs@witch.be." "Dat kan toch niet?")

Als ING aankondigt de klantengegevens te gaan gebruiken voor reclame, komen al snel de eerste "Hack de ING"-artikelen online.

We moéten ons uiteraard bewust zijn van de gevaren van tech, en van die algoritmes. We moeten onszelf en onze kinderen hiervoor opvoeden, en daar op een slimme manier mee leren omgaan. We kunnen zelfs journalisten leren om interviews af te nemen van algoritmes.

Maar we zullen niét terugkeren naar een pre-internet wereld.

We bouwen ons eigen Digitale IJzeren Gordijn

success

In de aanloop naar de volgende verkiezingen maken alle politici het duidelijk: onze economie verder uit de crisis loodsen is de eerste prioriteit. En het toverwoord dat iedere keer naar voren geschoven wordt is innovatie. We moeten investeren in innovatie, in creativiteit. We moeten nieuwe starters aantrekken, helpen en subsidiëren.

Er wordt verwezen naar Silicon Valley als lichtend voorbeeld. Als grootste obstakel wijst iedereen naar onze Belgische volksaard van risicoaversie - we moeten leren failure te aanvaarden als deel van dat innovatieproces. Daar worden zelfs heelder conferenties rond georganiseerd.

Mag ik alsjeblieft *bullshit* zeggen?

Aan een auto zit er zowel een gaspedaal als een rem. Akkoord dat we onze voet van de rem moeten halen door niet meer bang te zijn voor falen. Maar écht vooruitgaan doe je door ook gas te geven: goesting toevoegen door succes te ondersteunen, te vieren en vooral te gunnen.

We geven IWT-subsidies aan innovators als Bhaalu, maar dan laten we toe dat ze bij lancering monddood gemaakt worden door rechtszaken van gevestigde media. Onze overheid subsidieert allerlei startersprogramma's zoals Bryo om jonge talenten aan te moedigen te ondernemen, maar weigert daarna die startende ondernemingen als leverancier te aanvaarden.

Op innovatieve nieuwe vormen van collaborative consumption zoals Uber reageren we door inbeslagname van de voertuigen omwille van de risico's, in plaats van samen te zoeken naar opportuniteiten. We maken een project 'Internet Voor Iedereen', maar verbieden 4G in Brussel. Onze reactie op de weerspannigheid van Apple is het blokkeren van hun website? We kunnen onze wereldvreemdheid op geen betere manier tonen.

Het is niet voldoende innovatie aan te wakkeren. Als die innovatie effectief op de markt komt, moet je die ook durven ondersteunen. Het is hypocriet om het ene te doen, en het andere te laten.

Door elke digitale disruptie verkrampt te verbannen, zijn we ons eigen Digitale IJzeren Gordijn aan het bouwen.

Binnen enkele jaren, als die nieuwe Berlijnse Muur onvermijdelijk neergehaald zal worden, dreigen we achter te blijven met een uitgeholde want enkel analoge economie, en een verarmde bevolking die niet op voedselbonnen maar op diensten- en werkcheques moet leven.

Het is tijd om niet enkel lippendienst te bewijzen aan innovatie, maar die ook succes op de marktplaats te gunnen.

Strategie en The Big Idea

spaghetti

Communicatie, marketing (en ook start-ups) gingen vroeger uit van The Big Idea. Bijna de volledige reclamesector is gebouwd op dat 'insight-denken'.

De achterliggende gedachtengang is solide: doe eerst research naar de 'doelgroep', vind wat hen drijft, en pik daar 1 idee (The Big Idea) uit. Vergroot dit uit en gebruik dit als de nagel waarop je in de communicatie hamert.

Dit is een vrij lineair proces. Op basis van die research en dat idee wordt een Strategie uitgewerkt. Daarna gooien we dat over de muur, en moet een andere groep dit implementeren. Deze manier van werken past mooi bij het campagne-denken van de reclamesector, waar het creatieve duo art+copy god is, en waar 'production value' heilig is.

lineaire strategie

Het grote probleem hiermee is dat het nog geworteld zit in een oud wereldbeeld, waar consumenten netjes onderverdeeld kunnen worden in gecibleerde doelgroepen, en waar het gedrag van zo'n doelgroep onveranderlijk is in de tijd.

De wereld veranderde :)

Zeker op het web deel je een publiek niet in in doelgroepen en personas, maar in user stories en activiteiten. Bovendien verandert dat publiek continu aan zo'n halsbrekend tempo, dat het strategie-Idea-campagne denken met zijn zesmaandelijkse cycli veel te traag gaat; op het moment van uitrollen van zo'n campagne is het strategische inzicht al verouderd.

Onder invloed van de Lean Startup beweging begint daar verandering in te komen. We gaan weg van het Ene Universele Idee en de piëdestal voor creativiteit, richting continue development, MVP's en een data-gebaseerde aanpak.

doen-meten-bijsturen

Op zich is dat een goede evolutie. Geen grote plannen die bij implementatie al verouderd zijn, maar dingen zo snel mogelijk voor een publiek krijgen en op basis van de gemeten feedback bijsturen en zo incrementeel verbeteren. Gebaseerd op echte inzichten uit data, en niet op buikgevoel.

Maar voor mij is de slinger nu een beetje te veel naar de andere kant uitgeweken.

Je kan er van uitgaan dat je op 200 verschillende manieren spaghetti zal koken; dat je die alle 200 tegen de muur zal gooien om te kijken welke blijven plakken; en dat je daarna verder gaat met die spaghetti-kookmethode die blijft plakken.

Maar op een bepaald moment moet je de patronen in die 200 spaghetti's bekijken - en vaststellen dat die 50 keer dat je ze minder dan 1 minuut kookte, ze niet bleef plakken. Er moet een moment van reflectie komen waarop je deze kennis verankert en in een framework voor toekomstige acties vastlegt.

Dat heet strategie.

Het vroegere model van statische strategie gebaseerd op buikgevoel, steekproeven en 'voorspellend' onderzoek stond inderdaad te ver van de hedendaagse realiteit waarbij we continue real-time data hebben. Maar dat betekent niét dat er geen plaats is voor strategie.

continue strategie

Ik pleit voor een 'continue strategie', waarbij het doen-meten-bijsturen van de POC's en MVP's regelmatig geflankeerd wordt door een reflectiefase waarbij de opgedane kennis verankerd wordt in een framework om volgende acties op te baseren.

Een gewone man schreef zijn mening over online media en wat daarna kwam zal tranen in je ogen brengen

She did what in school?Of: 10 redenen waarom image clickbait optimalisation de volgende golf in online media wordt.

Bereik, aantal bezoekers en aantal pageviews: het zijn de kpi's die altijd al de online media gebruikten om zichzelf te beoordelen en om adverteerders te overtuigen hun geld te overhandigen.

De geschiedenis van het web tot nu is zeer turbulent geweest; om de x aantal jaar komt er een nieuwe trend en een nieuwe manier waarop het grote publiek dat web gebruikt om informatie op te zoeken.
De online publishers hebben daar iedere keer mooi op ingespeeld. (Of beter: iedere keer doken er uitdagers en nieuwe spelers op die handig inspeelden op de nieuwe trends.)

Toen surfers voornamelijk via directories het net binnenkwamen, betaalden ze om bovenaan de lijst van Yahoo en Altavista te staan. (Yahoo gebruikte dit daarna slim om zélf uitgever te worden en zijn eigen inventory bovenaan te zetten.)

Toen Google dominant werd, en SEO dé manier werd om trafiek aan te trekken, ontstonden de content farms. Bedrijven zoals Answers.com en Demand Media schreven vooral artikelen op basis van zoekwoorden uit Google. Ze gingen zelfs zover dat ze real-time opvroegen welke zoekwoorden *op dit moment* veel gebruikt werden, om er dan snel een aantal artikelen over te publiceren.

Op dit moment leven we in het tijdperk van de sociale netwerksites als Facebook en Twitter. Surfers komen meer en meer op sites terecht omdat hun netwerk de link plaatst. Tijd voor een nieuwe generatie mediasite: Buzzfeed, ViralNova, Upworthy, en hier in België Newsmonkey. Dit soort sites draait vooral op de titels van de artikelen, en de manier waarop die op social media gedeeld worden. Alles wordt zorgvuldig genetisch gemanipuleerd om maximale het 'sharen' en doorklikken uit te lokken. Daarvoor worden data scientists in dienst genomen die mathematische modellen uitwerken; bij Upworthy krijgen de redacteurs de opdracht om 25 verschillende titels te schrijven en te meten welke het beste werkt.

Wat is de volgende golf? Voor mij lijkt dat zeer evident. Het volledige web is meer en meer van tekst-gebaseerd naar beeld-gebaseerd aan het evolueren; het visuele web wordt dominanter. Ook de sociale netwerken maken die beweging. Facebook geeft meer en meer beelden voorrang in zijn Edgerank sortering. Twitter gebruikt inline beelden om engagement te verhogen. Het succes van Pinterest is onweerlegbaar.

De volgende golf van disruptors en challengers in de online uitgevers zal dus onvermijdelijk bestaan uit zij die hun beelden optimaliseren voor sharing en klikken. Je kan binnenkort artikelen verwachten over hoe slimme algoritmes het succes van beelden meten en automatisch 25 verschillende versies en crops genereren.

Onze eigen VRT zit ondertussen al op dat pad met het initiatief van Ninjanieuws:

ninjanieuws

Nihil sub sole novum

"The product of commercial television is the audience. Television delivers people to an advertiser. You are the product of tv."

De geschiedenis herhaalt zich eindeloos.

Ter verdediging van de RSS-reader

rss-readerDe RSS-lezer is, zeker sinds de opheffing van Google Reader, uitgebreid en publiekelijk ten grave gedragen.

Het belangrijkste argument: sociale media (en met name Twitter en Facebook) hebben de rol overgenomen van aanbrenger van nieuwe informatie.

Wel, ik ga daar niet volledig in mee.

Uiteraard zijn Twitter en Facebook goeie manieren om nieuwe informatie, 'content' en bronnen te ontdekken. Ik dompel me daar met graagte in onder, en geniet van het serendipity effect. Die sociale media zijn voor mij een rivier die langs me passeert, en waarin ik af en toe mijn hoofd stop voor verfrissing. Wat ik niet probeer: alles daarvan constant te lezen. Als je probeert een volledige rivier leeg te drinken, verdrink je.

hlnHet probleem met enkel vertrouwen op Twitter voor leesvoer, is dat die informatiestroom gebaseerd is op wat anderen, en bij uitbreiding een meerderheid, deelbaar vinden. Noteer: deelbaar. Niet 'goed'. Er is een verschil tussen wat mensen goed vinden, en wat ze delen (het verschil tussen impliciete en expliciete data).

In een digitale wereld waarbij 'content' genetisch gemanipuleerd wordt om te delen, is hetgeen daardoor gedeeld wordt een specifieke vorm van leesvoer: upbeat, licht, 'snackable', mainstream. De dictatuur van de meerderheid leidt al snel tot TOP 5's zoals die hiernaast.

En soms heb ik daar zin in. Net zoals ik soms eens zin heb om een bakje frieten uit de frituur te halen.

Maar nog vaker heb ik daar geen zin in. Dan wil ik long-form, diepgaande, inzichten brengende literatuur. En die wordt mij niét gebracht (of slechts in procentuele minderheid) door de twitterdelers.

facebook keuzeIk wil zélf kunnen bepalen welk soort leesvoer ik verteer. Ik wil dat niet laten afhangen van wat anderen (mijn sociale netwerk, of erger nog, het sociale platform zelf) vinden dat ik moet lezen.

Het is het verschil tussen de sorteermogelijkheid 'Meest recent' en 'Topverslagen' op Facebook. Er is niets wat me meer op het systeem werkt dan als Facebook weer eens stiekem die instelling verandert naar 'Topverslagen'. (De verborgen agenda van Facebook is uiteraard dat ze in hun zelf bepaalde sorteervolgorde makkelijker betalende advertenties kunnen stoppen.) Dat wil ik niet.

Dat is voor mij de functie van mijn RSS-reader. Daarin bepaal ik zélf wat ik volg, wat ik interessant vind, wat ik lees. (Ik heb in Feedly een goede vervanger voor Google Reader gevonden.)

Ja, dat vraagt meer inspanning om op te volgen, te cureren, te selecteren. Als ik een gezonde huisgemaakte maaltijd wil, moet ik ook mijn groenten kuisen en aardappelen schillen; terwijl het makkelijker is om een pizza te laten komen. Maar dat zelf gecureerde (lees)voer smaakt zoveel beter dan de snackables.